Adelheid Roosen wilde altijd al een zwerver worden

Adelheid Roosen maakte Is.Man, een theaterstuk over eerwraak. Ze is enorm gefascineerd door de Arabische wereld en vindt dat de Europese en Arabische wereld in familieverband, als broers en zussen, elkaars anders-zijn moeten toejuichen. Het anders zijn dan de gevestigde orde loopt als een rode draad door haar leven, vertelt ze in dit interview. Daarom wilde ze altijd al zwerver zijn.

Je werkt sinds de jaren tachtig als theatermaakster, je schrijft, speelt, filmt en maakt televisie. Bovendien ben je docent en adviseur van de artistieke raad van de Toneelschool&Kleinkunstakademie in Amsterdam. Heb je daarnaast nog tijd voor andere bezigheden?

Eigenlijk zijn er voor mij geen ‘andere bezigheden’. Mijn leven is mijn beroep. Dingen maken, het her-scheppen van leven. Ik creeer, reis, zwerf, ik leef. Maar samen met mijn vriend ga ik graag op reis. Het laatste waar ik ben geweest is Libanon omdat ik gefascineerd ben door de Arabische wereld. In mijn ogen zouden Europa en de Arabische wereld de twee meest uitdagende broer en zus kunnen zijn. Door met elkaar te spelen, elkaar te irriteren, elkaar bestuderen en elkaar bewonderen om die verschillen. Dan zullen we veel aan elkaar hebben. Ik ben daarom als Hollander een inburgeringscursus gaan doen en door de Arabische wereld gaan reizen. Zo ben ik onder andere in Turkije en de Koerdische gebieden geweest., Marokko, Syrië, Egypte en Saoedi-Arabië. En in Jordanië en Istanbul heeft Is.Man gespeeld. Dat was fantastisch.

Wat zijn jouw sterke eigenschappen?

Nieuwsgierigheid. Ik heb geluisterd naar datgene dat ik ‘het kind’ noem. Ook al ben ik 51, ik bevraag de wereld als een kind van zes, maar wel met een volwassen stem. Als kind ben ik me buitenstaander gaan voelen omdat de omgeving mij dat maakte. Toen ik jong was, wist ik niet wat afwijkend was, dat werd je verteld. In zwervers herkende ik me, ik altijd het idee gehad dat ik in een doos aan het einde van de straat kan wonen.

Wat zijn jouw minder sterke eigenschappen?

Snelle irritatie als mensen niet nieuwsgierig zijn. Gek worden van diegenen die de dingen zeker weten. Als kind was ik ook eenzaam, zoals het jongetje in het sprookje van ‘De Nieuwe Kleren van de Keizer’, dat mij zeer lief is. Maar het maakte mij niet altijd geliefd, wanneer ik niet geïmponeerd was door iemands succesverhaal en wanneer ik dus – net als het jongetje in het sprookje – mijn vinger opstak en zei: “Ja maar Keizer, je hebt helemaal geen kleren aan!” De meeste mensen willen liever dat je bent zoals zij. Toen ik nog jong was voelde ik de kracht nog niet van het anders durven zijn en denken dan de rest.

Wat wilde je als kind worden?

Een zwerver. Het tegenovergestelde van wat er van mij werd verwacht. Als kind had ik het beeld dat alles wat definitief is of vastigheid geeft, dat dat ook de hele definitie van mijn leven zou vastleggen. Voor mij voelde dat als een gevangenis. Het moment dat je niet zwerft ga je de dingen als vaste waarden aannemen zoals het trouwen met iemand, een baan nemen of een boot. Het volwassen worden vond ik daarom benauwend. In mijn familie waren sterke verwachtingen, die niet gericht waren op het ontplooien van mijn creativiteit of inspiratie. Ik had liever een soort vrijplek waar je alles kon uitproberen. De uitdrukking twaalf beroepen dertien ongelukken zag ik als positief. Ik vond het fantastisch wanneer iemand zeeman, timmerman en postbode was geweest. Ik zag mislukken niet als het tegenovergestelde van succes maar als ervaring. Het overal naartoe bewegen, zie ik ook als zwerven.

Ben je uiteindelijk ook zwerver geworden?

Ja. Ik zwerf door het landschap. Ik schrijf, ik speel, ik teken, geef les, ontwerp, maak decors maar bovendien breng ik elke dag met totaal verschillende mensen door: migranten uit de wijk, studenten, overheid, kunstenaars, instanties, politie, beleid, technici, ontwerpers, de straat… Toen ik jong was en drie jaar TV had gemaakt, zei iedereen “Nu ben je hartstikke beroemd en nu kun je veel geld verdienen”, maar toen wilde ik weer eens wat anders. Dat bedoel ik dus ook met het zwerven.

Wat zou je nog willen bereiken?

Als ik ’s ochtends wakker wordt dan vraag ik mijzelf vaak af: Wat wil ik later worden als ik groot ben? Terwijl ik al 51 ben.

Maar dat vind ik nog steeds een leuke vraag, omdat mij dat verbonden houdt met de innerlijke vraag van wat ik van mezelf zou willen maken. Ik wil het hart volgen waar ik mee geboren ben. Kinderen leren vaak dat ze succesvol moeten worden en een ingeslagen weg moeten volgen, maar daar zit de definitie van geluk niet in. Als iemand een tandheelkundige studie heeft gedaan, zeggen veel mensen “ach wat zonde” wanneer hij besluit om alsnog kunstschilder te worden. Maar ik vind dat die tandheelkundige studie niet verloren gaat als iemand heeft geleerd om op een heel klein oppervlak te werken en er later miniatuurschilder mee wordt. Mensen zijn veelzijdig. Ik heb voor mijzelf geen afgebakend toekomstbeeld. Wat in mijn hoofd valt, wat me overkomt, dat ga ik doen. Zwervend vind ik de inspiratie.

Wie heeft jou geïnspireerd of gestimuleerd en hoe?

Peter, een hele oude vriend van mij. Hij is van beroep econoom en is op latere leeftijd astroloog geworden. Hij kan ’keten’ als een kind van veertien en hij kan het beeld van de maatschappij laten ‘kantelen’. Alles wat ik als waarde aannam, keert hij om. Bij vragen als waarom ben je niet getrouwd, waarom heb je nog geen vaste baan of nog geen kinderen, wist hij te bevestigen als logisch voor mij, zoals mijn leven zich ontvouwde. Net als ik gaat hij tegen de orde in. Ik ben inderdaad nooit getrouwd en heb geen kinderen.

Welk keerpunt is belangrijk in jouw leven?

De tijd dat mijn ouders mij dwongen om Frans te gaan studeren. In het eerste jaar dat ik Frans deed heb ik ook toelatingsexamen gedaan voor de Hoge School van de Kunsten. Toen ik werd aangenomen ben ik zonder dat thuis te melden overgestapt. Natuurlijk kwamen mijn ouders daar op een gegeven moment achter. Driekwart jaar zijn we gebrouilleerd geweest. Ik ontving geen geld meer. Gelukkig kon ik bij vier docenten thuis schoonmaken waarmee ik mijn studie kon betalen. Op een zeker moment begreep mijn vader dat dit echt mijn passie was en is hij mij weer gaan financieren. Mijn ouders hebben hiermee ook een belangrijk keerpunt meegemaakt.

Wat betekent eer voor jou?

Eer is te vergelijken met de uitspraak van het jongetje in het sprookje van ‘De Nieuwe Kleren van de Keizer’. Hij is de enige die zei wat het hele volk zag: “De Keizer heeft geen kleren aan.” Daarmee onthulde hij wat de wereld niet durfde te zeggen. Hooggeplaatste mensen komen vaker in zulk soort gespannen absurditeit terecht. Door macht en belangen houden de Keizer en zijn volk elkaar in een soort waanbeeld. Dat waanbeeld, die illusie doorbreken door te spreken, is voor mij eer.

Wat wil je jongeren meegeven?

Liefde ontwikkelen voor dat wat jij echt bent. Omdat daarin ook de enige weg ligt waarin jouw talenten, die als walnoten op de bodem van je buik liggen, opengekraakt kunnen worden. Dat is je voeding. Niet de egocentrische eigen-liefde maar dat je dieper en dieper geworteld raakt in dat wat jou jou maakt. En dat accepteren. Als je daarvan houdt heb je een enorme groeikracht. En groeien doet niemand anders voor je. De wereld is al eeuwen gewend om jou te veranderen naar zichzelf. Mensen trekken jou naar zich toe, zodat zij zichzelf veilig voelen. Het lijkt alsof ze jou zien maar dat doen ze niet. Ze zien zichzelf. Je daar onafhankelijk van maken, daar zit je geluk.

Dit artikel is in 2009 geschreven voor de Zwarte Tulp Projecten